Preek, gehouden op 3 oktober 2021, Deuteronomium 11: 18-32 en Marcus 12: 28-34

Ds. Rina Mulderij

Gemeente van Jezus Messias, Hoe herkenbaar ben jij als christen? Joden, zeker in het land Israël, zijn te herkennen aan hun gebruiken zoals het plaatsen van een mezoeza aan de deurpost. In Nederland, waar het op sommige plekken moeilijk kan zijn om het Joods geloof uit te dragen, haalt een aantal gezinnen deze godsdienstige tekens weg. Anderen dragen geen keppeltje in de openbare ruimte, om maar geen aanstoot, geen aanleiding tot antisemitisme te geven. Dat dit niet zo eenvoudig is, laat ook het CIDI [https://www.cidi.nl/antisemitisme/antisemitisme-monitors/] zien. Elk jaar houdt het Centrum Informatie en Documentatie Israël bij hoe veel uitingen van antisemitisme er gemeld worden. Het afgelopen jaar 2020 zien we dat in complottheorieën omtrent corona antisemitisme een plek heeft gekregen – het zogenaamde zondebokidee, dat Joden de schuld van deze ziekte in de schoenen wordt geschoven. Ook in de politiek zien we dat het bon ton is om te koketteren met antisemitische ideeën, waar een politiek leider als Baudet vindt dat de Holocaustontkenning onder vrijheid van meningsuiting zou moeten vallen. Iets dat de film “Denial” ook aankaart [https://www.moviemeter.nl/film/491019] in de rechtzaak van Deborah Lipstadt tegen David Irving, een Holocaustontkenner. Een aanrader om eens te zien. Of zoals we de afgelopen maand op Urk hebben gezien dat jongeren verkleed als SS’ers een jongen met een gevangenenpak en een gele Davidster voor reuring hebben gezorgd. Onschuldig vermaak? Verre van. Antisemitisme heeft de neiging telkens weer de kop op te steken. Sla je er één af, dan kom je weer een volgende tegen. Soms gaan ze gekleed als keurige burgers. Ik weet ook dat het moeilijk is, wanneer er een Intifada is – strijd tussen Israëli’s en Palestijnen – om kritiek op de staat Israël en op de staat Palestina ver te houden van antisemitisme, haat tegen Joden. Je ziet dan ook gelijk een toename van anti-Joodse uitingen.

De Israëlzondag is door de PKN op de eerste zondag van oktober ingesteld om aan haar roeping tot onopgeefbare verbondenheid met Israël op een bijzondere manier uiting te geven. Deze zondag valt in de periode van de grote feesten van het Jodendom: rosj hasjanna, Nieuwjaarsdag, Jom kippoer, Grote Verzoendag en Soekot, Loofhuttenfeest.  Al vanaf het begin levert deze zondag vragen op, want “komen we Israël niet elke zondag tegen in de liturgie: in het zingen van de Psalmen en de schriftlezingen?” En wat wordt er dan bedoeld met Israël? Velen denken bij Israël in eerste instantie niet aan de relatie met het volk Israël, maar aan de staat en aan het conflict tussen Israëli’s en Palestijnen. Met alle vragen die kunnen botsen en schuren is het juist van belang extra aandacht te geven aan de relatie met het Joodse volk.

Ook voor ons geloof in Jezus Messias is het nodig om op de Joodse achtergrond te blijven wijzen. In het midden van het volk Israël is hij geboren, opgegroeid en gaf hij aan het Messiasschap gestalte. Hij was Jood onder de Joden. Hij was kritisch over bepaalde uitingen in het Jodendom en daar stond hij niet alleen in, zoals we ook kunnen zien in de evangeliën. Het ging en gaat hem om een levende relatie met God. Hoe maak jij jouw geloof concreet? Hoe doe je dat zonder dat het geloof in uiterlijkheden vervalt? Dat je aan de buitenkant kunt zien met een kruisje op je hart, dat je in Jezus gelooft, maar waar het ook mag gaan om die binnenkant. Mozes roept het volk Israël voor de grens bij het beloofde land op om de woorden van God eigen te maken. Leer deze aan je kinderen. Zet ze in je huis, op je lijf, op de poorten in alle openbaarheid. In je gaan en je komen, wanneer je opstaat en naar bed gaat: Gods woorden zijn altijd om je heen.

Het is Mozes te doen om Gods Tora je eigen te maken. Dat kan op verschillende wijzen. Doordat je de woorden van God op vele plekken zichtbaar maakt voor jezelf en anderen, houd je deze in het oog en hopelijk zo ook in het hart. De mezoeza, de tekens tussen je ogen, op je arm zijn elk hulpmiddelen om jou bij geloof, gehoorzaamheid in God betrokken te houden. Om jouw leven in te richten als zegen. Zelfs de twee bergen werken als symbolen in het landschap om je geloof in het rechte spoor te houden, als een soort oriëntatiepunt om te zien op welke weg jij je bevindt, waar jij je oog en zo ook jouw hart op weet te richten. Maar al deze dingen zijn geen doel in zichzelf: ze verwijzen naar een leven onder Gods Tora, waar het jou goed zal gaan, als je naar Gods woorden doet en hoort. Uiteindelijk gaat het om gedrag dat leven mogelijk maakt – een zegening, opdat ieder schepsel een goed leven gegund is. Ook om het tegen gaan van ongehoorzaamheid is het Mozes te doen: wijk niet af van de weg van God, anders wordt het leven voor jou een vloek. Dus: hoe stel jij je op in je leven? Breek je af of bouw je op? Welke keuzes doe je, waarmee je leven goed houdt. Kies je voor het kwaad, dan zal er straf zijn.

Over het gebruik van christelijke symbolen zoals het kruis heeft paus Franciscus het ook gehad, dat je dit niet als een fashion statement moet gebruiken of als een nationaal symbool van macht [https://nl.starsinsider.com/mode/452361/het-kruis-religieus-symbool-of-fashion-statement en https://kro-ncrv.nl/paus-kruis-is-geen-politiek-symbool]. De vele geschilderde en gebeeldhouwde kruisen en kruisbeelden in kerken, “om de hals, in huis, in de auto, in de broekzak” hebben geen nut als men zijn hart er niet voor opent, aldus Franciscus. Het kruis symboliseert de strijd tegen het kwaad, dat God zich in onze wereld heeft ondergedompeld en heeft geleden zoals wij mensen kunnen lijden aan het bestaan in een wereld vol zonde. Het kruis is geen teken van overwinning of een volgende modegril, maar “het kruis vraagt om een duidelijk getuigenis, omdat het geen vlag is die gehesen moet worden, maar een zuivere bron voor een nieuwe manier van leven”: einde citaat.

Wetende dat het soms kan helpen om Bijbelteksten in jouw woonruimte op te hangen, om iets bij je te hebben dat voor jouw geloof, jouw relatie met de Levende symbool staat, is dit altijd een middel, nooit een doel in zichzelf. Je herinnert jezelf aan Gods woorden, ieder moment van je leven. Als je het zo gebruikt, zijn deze dingen als een staf om op God te wijzen en geen stok om mee te slaan, dat je op deze manier in God moet geloven. Ook gaat het om een stuk herkenbaarheid: wie ben jij om in God te geloven, om het kruis van Jezus op je te nemen. Geloven vraagt om een keuze te maken, om niet angstig in het leven te staan, ook al kan er nog zo veel zijn om bang voor te zijn. Aan jouw vruchten mogen anderen de Levende herkennen, dat je niet zo maar achter vreemde goden aan gaat, die tot vloek zullen leiden. Of dat je mee gaat in de spot, de haat tegen wat vreemd is, of wat we nu nog niet zo goed kunnen verklaren. Geloven vraagt ook om kennis, het werken aan wijsheid, dat je jouw mening uitstelt en niet zo maar wat uit kraamt en doet waar je later spijt van krijgt. De tekenen van geloven mogen we dragen in ons hart, waar God bij ons woning vindt. Ook al weten we dat de relatie met de Eeuwige onderhouden soms zo moeilijk kan, zoals we ook in de geschiedenis van Israël ontdekken. Toch mogen ook wij zien dat er een omkeer mogelijk is, dat zelfs vanuit de nood in Egypte, vanuit de ballingschap, vanuit de Shoa God de roepstem hoort. Kies voor het leven. Leef uit liefde en leef als gezegenden. Amen.