Preek, gehouden op 25 december 2021, Joh. 1: 1 – 18

Ds. Rina Mulderij

Gemeente van Jezus Christus,

Wat had ik graag deze dag met jullie allen willen vieren. Samen het wonder van het Kerstkind willen bezingen, want Gods heerlijkheid is ook in onze harten neergedaald. Samen komen om te horen, welke grootse dingen God heeft gedaan, ook voor ons. Zijn goedheid, Zijn genade komt overvloedig tot ons, opdat wij zullen leven. Eeuwig leven wel te verstaan, want de evangelist Johannes zet niet op minder in. Voor sommigen zal het een kleine teleurstelling zijn dat we vanochtend niet horen over de herders die Jezus in een voederbak vinden – ook een wonder van God, die Zijn Redder naar de wereld heeft gezonden. Bij Johannes de evangelist is dat wonder niet minder, maar hij verwoordt het net even anders in de opening van zijn verhaal over Jezus.

Er staat veel in deze verzen. Je zou het langzaam, regel voor regel, woord voor woord moeten lezen om iets van Gods geheim te mogen ontdekken. Het is een tekst die wil benaderen hoe het Woord vlees-en-bloed is geworden: het is dus niet van ‘zo is het’, maar Johannes wenkt ons dichterbij. Het Woord dat met God, leven en licht wordt verbonden. Vanaf het begin was het Woord en alles is er door ontstaan. Deze dag krijgen we met nieuwe schepping te maken. Te midden van duisternis komt het Woord ook tot ons om ons leven te veranderen, in het licht te stellen, opdat we kinderen van God zullen zijn, geboren uit de wil van God. Wonderlijk is het om te horen, nog wonderlijker is het dat wij dit mogen ontvangen.

Laatst had ik het met een paar mensen in de sportschool over het wonder van het leven op aarde. Het kwam zo ter sprake. Het is best bijzonder dat hier op aarde leven is ontstaan. Bij onze ster, de zon, is de aarde de enige planeet, waarop leven is ontstaan. We staan zo ver van de zon, dat we niet verschroeid worden door haar intense hitte, maar we staan ook niet te ver dat het te koud is. Om even met Goudlokje en de drie beren te spreken: op aarde is het precies goed. Deze omstandigheden hebben er toe bijgedragen dat op de aarde leven heeft kunnen ontstaan. Daarbij hoeft het scheppingsverhaal uit Genesis niet te bijten met de evolutietheorie. Er is licht nodig. Scheiding tussen water en aarde, gevolgd door het ontstaan van planten en weer later de dieren in het water, de vogels in de lucht en alles wat er leeft op aarde, met als laatste in de rij de mens, de homo sapiens, de denkende mens. Hoe het leven op aarde evolueerde, volgt het scheppingsverhaal dat er eerst ruimte, gelegenheid tot leven is, opdat de dieren uit het water kunnen gaan om op aarde te bestaan. In Genesis gebeurt dit per dag en God zag dat het goed was, maar we lezen ook in de Bijbel dat één dag voor God als duizend jaar kan zijn. Ik wil in deze verkondiging niet schepping of evolutie tegen elkaar uitspelen. Schepping wil ons duidelijk maken waartoe wij hier op aarde zijn, het doel van het leven – wij zijn er vanuit de liefde van God voor de mensen – en evolutie wil inzichtelijk maken hoe leven op aarde heeft kunnen ontstaan. Elk heeft een andere blikrichting, die niet tegenover elkaar hoeven te staan of die elkaar uitsluiten.

Het lijkt wel of wij op aarde alleen in het heelal zijn. In de wetenschap leeft de vraag of er geen andere planeten zijn, waar leven zich heeft kunnen ontwikkelen. Het kan, maar dat zeker weten doen we niet. De omstandigheden moeten goed zijn. Ook hebben we in het afgelopen jaar gezien dat sommige bedrijven en mensen aan het onderzoeken zijn of je de maan of de planeet Mars kunt koloniseren. Met dat woord koloniseren heb ik moeite. Alsof de maan of Mars ons bezit is, dat er op de maan en Mars grenzen ‘van mij’ moeten worden getrokken, alsof we zo maar een aarde 2.0 hebben, waar we opnieuw kunnen beginnen, wanneer we deze aarde uitgebuit hebben en haar als een oud, afgedankt vuil weggooien en we gaan op een volgende planeet gewoon op de oude voet door.

Leven is een geschenk. Een wonder. Zeker als je nieuw leven tot ontstaan en tot geboorte mag zien komen. Een kind mogen we uit Gods hand ontvangen. We hebben haar, hem niet als bezit gekregen, maar we verwelkomen een kind in ons bestaan. Een kind is deel van ons, maar een kind valt niet samen met ons. Wel kunnen we zo verbonden met elkaar raken, dat het kind aan ons hart rust, zoals de Zoon aan de Vader. Johannes de evangelist heeft het wonder van Jezus Christus op deze manier willen verwoorden. Jezus is bijzonder. Hij is Mens geworden en hij heeft bij ons gewoond. Het Woord-in-vlees-en-bloed is een wonder en mysterie tegelijk. Johannes heeft niet precies willen neerpennen van dat ‘hoe dan’, maar dit Woord dat God is, heeft onder mensen geleefd en heeft zich genadevol uit laten delen, opdat we uit de duisternis gered zouden worden en we in het licht leven als Gods kinderen.

Het beginnetje is er en met Kerst willen we stil staan bij dit grootse cadeau van God-met-ons. God heeft ons leven gegeven en Leven trekt met ons mee. In het evangelie van Johannes klinken die verhalen en woorden van Jezus mee. Jezus zegt tweemaal dat hij het leven is – ik ben de weg, de waarheid en het leven (Johannes 14,6) – wanneer hij Lazarus uit de dood opwekt, zegt hij tegen Marta: “Ik ben de opstanding en het leven.” (Johannes 11,25) Het Woord dat leven geeft, werkt zo in ons bestaan, dat het geloof wil opwekken en zo de band met God wil versterken. Jezus laat in woord en daad zien hoe hij het leven voor mensen nu wil verbeteren, hen tot een hoger plan van de liefde wil leiden. Vanuit de dood roept Jezus ook ons tot leven, zoals hij Lazarus uit het graf heeft geroepen. Vanuit het duister leidt hij ook ons naar het licht. Ook wij zullen de grootheid van de Enige Zoon van de Vader zien. Ervaren aan ons eigen lijf en ziel hoe overstelpend goed hij is.

Telkens wanneer wij in het Johannesevangelie het woord ‘leven’ zien staan, speelt het eeuwig leven mee. Eeuwig geeft een kenmerk, kwaliteit van dat leven aan. Je kunt het vergelijken met het ‘precies goed’. Het eeuwige leven is meer dan leven straks met God. Je kunt er vandaag al mee beginnen, als je Jezus aan neemt in je hart en je in woord en daad met hem verbonden bent. Het eeuwige leven is hier-en-nu én toekomst gericht. Om dit geschenk mogen we God loven, Hem bezingen in ons lied. Onder ons is het Wonder van Leven gekomen. Ook vandaag mogen wij het Licht zien gloren en we mogen Hem ontvangen, waar en wie we ook zijn. Jezus nodigt ons uit om kinderen van God de Vader te worden, om zelf lichtdragers van Zijn Licht te worden. Zo willen we Kerst vieren, als teken van het Wonder van God-met-ons. En wij zullen voor altijd leven onder Gods goedheid. Amen.