Preek, gehouden op 16 januari 2022, Joh 2: 1-11

Ds. Rina Mulderij

Gemeente van Jezus Christus,

In het Johannesevangelie staat het Koninkrijk van God niet zo centraal als bij de evangelisten Matteüs, Marcus en Lucas. Zij vertellen dat het er aan komt en met welke dingen je het Koninkrijk kunt vergelijken, maar bij Johannes treffen we zo iets niet aan. Weliswaar vertelt Jezus over het Koninkrijk in het gesprek met Nikodemus (Johannes 3,3 en 5), dat je opnieuw geboren moet worden en tegenover Pilatus zegt Jezus dat Zijn Koninkrijk niet van hier is (Johannes 18,36). Wel komen we in dit evangelie van hoofdstuk 2 tot en met 11 tekens tegen, die Jezus verricht. Volgens mij laten die tekens telkens iets zien van het Koninkrijk dat Jezus voor ogen heeft. Maar dit wonderteken te Kana begint klein en het is niet voor het grote publiek. Bij de opwekking van Lazarus ziet een menigte hem uit de tombe te voorschijn komen. Hij leeft! Als je zou zeggen dat de opwekking van Lazarus helemaal voor op het toneel staat, zitten we vandaag in de coulissen, ver achter het podium, want op het toneel is het vandaag feest!

Bruid en bruidegom vieren dat ze getrouwd zijn. In de tijd van Jezus duurde een bruiloftsfeest wel zeven dagen. Familie, vrienden, kennissen, buurtgenoten: ze kwamen af en aan, vierden even mee of wat langer. Op zo’n feest werd er flink uitgepakt. Ik trof een verhaal aan van Wilbert van Saane. Hij werkt in Beirut, Libanon, voor Kerk in Actie om zich in te zetten voor de theologische school en om buitenlandse predikanten kennis te laten maken met het Arabisch christendom. Hij is zelf getrouwd met een Libanese vrouw en hij vertelt over zijn eigen bruiloft (De Eerste Dag, winter 2021/2022): “Toen we begonnen met de voorbereidingen van onze bruiloft dacht ik op zijn Hollands: ‘Laten we het maar niet al te gek maken.’ Maar ik merkte al snel dat mijn Libanese verloofde en haar familie een andere benadering hadden. Bruiloften zijn voor oosterse families absolute hoogtepunten, de gelegenheid bij uitstek om familie en vrienden warm te onthalen. Daarmee bevestigen en vestigen families hun status en hun sociaal netwerk. Over een goede bruiloft wordt lang nagepraat. Maar als er iets misgaat, dan betekent dat een levenslange schande voor het echtpaar en de familie. Daarom worden kosten noch moeiten gespaard. In Kana is de wijn op. De gasten zullen dit opvatten als ongastvrij en karig en ze zullen hun conclusies trekken. Maria wil de eer van deze familie beschermen. Daarom smoest ze met haar zoon.” Ik vind het mooi om te lezen dat ongeveer twintig eeuwen later in het Middenoosten nog zo tegen een bruiloftsfeest aan wordt gekeken.

‘Ze hebben geen wijn meer’. Maria wil de familie schande besparen en ze zoekt naar een oplossing. Ze kent haar zoon van haver tot gort. Ze trekt hem aan zijn mouw, dirigeert hem naar de keuken, waar zij zeer zeker in de weer was met eten en drinken samen met de andere vrouwen en omdat dit waarschijnlijk een rijkere familie moet zijn geweest, waren er ook bedienden aan het werk onder leiding van de ceremoniemeester, die toezicht op de wijn had. Hij hield een oogje in het zeil op het gebied van reinheid en hij zette zich in tegen uitspattingen: beetje een barman met wat meer bevoegdheden, die kon zeggen dat je nu wel diep genoeg in het glaasje had gekeken. Die ceremoniemeester is in geen velden of wegen te bekennen. Maar Jezus wel.

De moeder vraagt hem uit het zicht van het feest om in te grijpen, maar Jezus wil dat niet doen op de wijze van Zijn moeder. Hij weigert, maar als zij met de bedienden heeft staan praten, dat ze moeten doen wat hij zegt, geeft hij gehoor. Je kunt zeggen dat Jezus een gehoorzame zoon voor zijn moeder is, maar dan wel op zijn manier en in zijn tijd. Maar ik denk dat er iets anders gebeurt bij de moeder: ze verandert van familie, als moeder van, in een getuige van Jezus, om anderen ook leerling van Jezus te laten worden. Ze getuigt tegenover de bedienden en ook jij als lezer en hoorder wordt hier aan gesproken, dat wat Jezus zegt, dat je dat opvolgt. Wat Jezus van jou vraagt, doe dat ook.

Waar ik naar toe wil, is dat deze vraag van Jezus en dit teken van water-wordt-wijn: deze dingen gebeuren niet in het volle zicht van het publiek dat hierop uitzinnig zal applaudisseren. Ze gebeuren uit het zicht, achter de schermen. Dit teken vindt plaats onder mensen die hard moeten werken zoals de bedienden, zodat dit feest een succes is en dat ze aan de voorkant van het feest niet merken dat er wat schort. Ik geloof dat hier een link naar ons eigen leven is te vinden. Jezus doet zich niet kennen in het grootse, in de wonderen, waar mensen door de adrenaline van het felle licht, door de grote namen mee worden gesleurd. In de intimiteit van ons eigen huis, waar jij jezelf kunt en mag zijn, waar je soms zo op je diepste punt kunt zitten en je jouw emoties even kunt laten gaan, om stoom af te blazen, waar je masker af mag, waar je niet je vrolijkste gezicht hoeft op te zetten, waar je even niet op de toppen van je kunnen moet presteren – daar komt Jezus bij jou met de overvloed van het Koninkrijk.

Het gaat hier om het herkennen van Gods Rijk: hoe is dat in jouw leven, in ons midden aanwezig? Weet jij wanneer Jezus bij jou is geweest om jouw tekort om te keren naar genadevolle overvloed? Wanneer jouw leven in een doodlopende straat is beland, waar je verdwaalde en de verkeerde richting op ging: dan kun je Jezus zo nodig hebben. Je bidt tot Hem met een vraag om omkering, een oplossing. Maar het is niet zo dat Jezus het voor jou oplost in een oogwenk. U vraagt en Jezus draait. Zo werkt het niet. Maar Jezus geeft ons een teken in ons bestaan, waarmee Hij ons wil leiden naar het leven onder Gods Koningschap, waar we zullen bestaan in overvloed, waar onze kwalen, onze pijn genezen zullen worden, waar we zullen zien, wat waarheid is en wij zullen leven in eeuwigheid. Het gaat om het zien van het ware, het juiste, dat wij bij God kunnen vinden.

Dat leven onder en met Gods genade is nu al binnen ons handbereik. Het vraagt wel van ons dat wij Jezus volgen, doen wat Hij van ons vraagt. Het gaat ook om het herkennen van de wijn – de beste wijn, waar de ceremoniemeester niet weet, waar deze vandaan komt. Die vreugde mogen we vandaag proeven, wanneer we de beker delen en het brood breken. Met deze tekenen van brood en wijn mogen wij ervaren hoe Gods Koninkrijk zal zijn. Het beste zal nog komen. Wij mogen net als de bedienden, de eerste leerlingen en de moeder weten, waar die beste wijn vandaan zal komen. We mogen met vreugde ontdekken, dat wanneer God zal komen, dat het dan het feest zal zijn. In ons leven van alledag mogen wij deze gave van overvloed, van de vreugde van het Koninkrijk op het spoor komen. Jezus geeft het ook ons, vandaag, morgen, tot in eeuwigheid. Amen.